Fleur van der Bij: ‘Verdriet of pijn haalt je altijd in’

Fleur van der Bij schreef het boek ‘De Nijl in mij’. Haar boek gaat over een reis in de voetsporen van een vergeten ontdekkingsreiziger, maar óók over het overlijden van haar zusje Ylse. Een gesprek over dingen wegstoppen, doorgaan en pijn proberen te ontlopen.

Ik (Maaike) ken Fleur nog van onze studie journalistiek in Zwolle. Ze kwam altijd op me over als een vrolijk en nuchter meisje, niet te zwaar op de hand. Nu weet ik dat ze al die tijd een verhaal met zich meedroeg dat haar langzaam te veel werd. Haar zusje overleed toen ze twaalf was (Fleur was toen vijftien) door een auto-ongeluk. Fleur stopte dit jaren weg, tot ze uiteindelijk werd ingehaald door de gebeurtenis, tijdens een reis voor een boek over ontdekkingsreiziger Juan Maria Schuver.

Fleur, jouw boek ‘De Nijl in mij’ kwam begin 2018 uit. Het gaat over jouw onderzoek naar de Nederlandse ontdekkingsreiziger Juan Maria Schuver waar je eerder voor je studie geschiedenis een scriptie over schreef en daarna besloot na te reizen langs de Nijl. Maar vooral óók over hoe die reis je uiteindelijk brak: het auto ongeluk en overlijden van je zusje Ylse kwam naar boven.
‘Ik had dat laatste niet aan zien komen, terwijl ik, terugkijkend, denk dat het heel logisch was dat ik ooit daarmee aan de slag moest. Ik had het namelijk nooit verwerkt.’

Ik heb dat echt nooit van jou geweten… Je leek me vrolijk en zorgeloos toen we elkaar leerden kennen tijdens onze studie.
‘Dat was niet gespeeld hoor, ik had mezelf simpelweg die houding aangemeten. Ik wist niet beter dan dat dat was wat hoorde. Je was niet de enige die het niet wist, ik heb het eigenlijk nooit veel aan mensen verteld. Dat was niet eens bewust, trouwens.’

Maar het is nogal wat: je zusje was overleden!
‘Ik ben opgegroeid in een heel nuchter Fries dorpje. Ik wist ergens wel dat wat ik had meegemaakt niet normaal was, maar toen ik opgroeide was het gewoon niet iets waar we het over hadden. De mores was ‘doorpakken’, niet in de slachtofferrol schieten, maar meteen de schouders eronder. Toen mijn zus werd aangereden en overleed, was dat vooral afschuwelijk voor mijn ouders, zij verloren een dochter. Dat ik ook iemand verloor, was niet aan de orde en dat vond ik ook helemaal niet onlogisch op dat moment. In die tijd en op die plek was dat nu eenmaal zo, toen. Daardoor werd het voor mij iets wat bijna rationele informatie was. Sommige mensen hadden een hond, anderen woonden antikraak, ik had een dood zusje. Ik had er nooit een emotionele lading aan kunnen geven en daardoor voelde het soms wel alsof ik het misschien beter kon delen, en ik merkte ook wel dat mensen ervan schrokken als ik het vertelde, maar ik kon er zelf gewoon niet veel mee.’

Werd dat je toen je zusje overleed echt duidelijk gemaakt, dat dit níet om jou ging?
‘Niet zo direct, het was meer de omgeving waarin ik opgroeide. De enige expliciete uitspraak erover was van mijn oma: ‘Niet huilen nu, flink zijn.’ En ze bedoelde dat niet harteloos, het was zoals het hoorde. Flinkheid en nuchterheid werd geprezen. Zij was ook simpelweg een kind van die cultuur.’

De dood van een zusje is een enorm heftige en stressvolle gebeurtenis. Realiseerde je je dat toen het gebeurde?
‘Dat wel. Maar dat stopte eigenlijk meteen bij haar uitvaart. Het lijkt wel of de tijd voor en na Ylses overlijden door een wand werd gescheiden; het was alsof dat letterlijk een ander leven was en ik er niet meer over na kon denken. Ik weet ook dat ik tijdens de begrafenis, daar in het uitvaartcentrum, bij haar kist ergens een knop heb omgedraaid. Mijn zusje bevroor in de tijd en ik ging meteen verder in een andere, nieuwe tijd. Zij bleef voor mij altijd twaalf.’

Huilde je nooit?
‘Nee, eigenlijk niet. Het leek me misplaatst om dat te doen. Dat ik een zusje had dat er niet meer was, was voor mij een gegeven, meer niet. Althans, dat dácht ik. Ik gedroeg me ook zoals ik dacht dat wenselijk was: ik had al jong een vaste relatie, met wie ik ging samenwonen. Maar het verdriet wilde er  wel degelijk zijn. Vanbinnen was ik als kind een echte ontdekker. Dat had ik weggestopt; ik speelde liever op zeker, omdat ik wellicht, toen onbewust, mijn ouders geen extra zorgen wilde geven. Maar natuurlijk was het verdriet er wel. Ik kon er alleen niet bij. Tot ergens in mij iets begon te rebelleren; ik verbrak mijn relatie en trok uit ons huis. Toen ik tijdens het zoeken naar een scriptieonderwerp op Juan Maria Schuver stuitte, gaf hij me een aanleiding om los te breken. Het was alsof hij me bij de hand pakte en meesleepte de wereld in. Letterlijk; ik maakte zijn reis door Soedan en Ethiopië, in buitengewoon onveilig en onstabiel gebied. You can run, but you can’t hide. Ik vluchtte, denk ik achteraf. Toen ik daar was en mijn reis min of meer had volbracht, voelde ik me, in plaats van voldaan ontzettend leeg en ontredderd. Ik was weg gegaan, maar had het verdriet niet kunnen ontlopen. Het drong zich uiteindelijk onherroepelijk aan me op.’

In Soedan haalde je verleden je in. Je móest aan de slag met je verdriet. Hoe uitte zich het verdriet bij jou?
‘Uiteindelijk raakte ik helemaal in de war, het kwam bij mij echt aan als een harde klap, die ik niet had zien aankomen, maar waarvan ik terugkijkend zeg: dit kon niet langer goed gaan. Ik had mezelf zo uitgeput en het verdriet zo ver weggestopt, dat het wel mis móest lopen. Door therapie heb ik er uiteindelijk mee leren omgaan.’

Denk je dat pijn je altíjd inhaalt?
‘Ja, dat denk ik wel. Ik heb ooit de uitspraak gehoord ‘verdriet dat je levend begraaft, dat sterft niet.’ Daar kan ik me zeker in vinden. Ik denk dat elk trauma in zekere zin vooral bestaat uit verdriet. En er zijn natuurlijk verschillende trauma’s. Maar ik geloof niet dat je eroverheen kunt leven, nee. Verdriet wil gezien, gehoord en verwerkt worden, anders zoekt het een andere weg. Ik geloof dus ook niet in korte termijn oplossingen na stressvolle gebeurtenissen. Dat los je niet op door alleen goed te slapen en regelmatig te bewegen, als er iets knarst, moet je kijken waar het wiel vastloopt. Anders blijft het vastlopen en uiteindelijk loop je vast.’

Hoe heb je dit zó lang, zó diep kunnen wegstoppen? En hoe verklaar je die happy go lucky houding die jij altijd leek te hebben?
‘Ik weet nu dat als je zoiets ernstigs meemaakt als ik, je draagkracht anders wordt. Omdat ik dat zo jong al meemaakte, wist ik niet beter dan dat je je tanden op elkaar zet en doorbijt. Wat veel mensen als stressvol zouden ervaren, deed mij over het algemeen niet veel, simpelweg omdat ik had geleerd om dat niet te voelen. Daardoor heb ik me ook nooit kwetsbaar opgesteld. Dat kan ik nu wel en daar ben ik dankbaar voor, het heeft me een completer, ‘heler’ mens gemaakt, ook dat ik mijn verhaal via mijn boek heb mogen delen. Eén van de mooiste dingen, is dat ik het boek heb kunnen opdragen aan Ylse. Zo heb ik haar in zekere zin toch nog meegenomen naar het nu en naar mij, terwijl ik haar voor mijn gevoel juist eerder op haar twaalfde in de tijd had achtergelaten. Dat raakt me.’

En nu? Heb je raad voor anderen?
‘Ikzelf heb me lang overaangepast en vervolgens heb ik buitengewoon veel risico’s genomen, beiden kanten van dezelfde medaille. Ik heb moeten leren wat de middenweg daarin is en ik heb het verdriet moeten toelaten. Ik heb compassie leren opbrengen voor mijn vijftienjarige zelf. Zwelgen is niet de oplossing, wél kijken naar waarom je telkens tegen dezelfde dingen aanloopt in je leven. Ik ben natuurlijk historica en onderdeel daarvan is lering te trekken uit het verleden. Als durft te kijken naar het verleden, kun je daar vaak lessen uit leren voor je toekomst.’

‘De Nijl in mij’, van Fleur van de Bij, vind je hier!

LEES OOK: VOLGENS LEONA IS EEN BURN OUT HET FAILLIET VAN JE ECHTE IK. LEES WAAROM…

Wil jij meer innerlijke rust? Het boek 'NIETS' is nu te koop!

Topmodel | Diabetes type 1 | Coma | Journalist | Burn out | Spirituele crisis.
‘NIETS, mijn zoektocht naar innerlijke rust in tijden van alles.


'Een mooi en eerlijk boek met een groot inzicht' – Roos Schlikker, schrijver

'Fascinerend verhaal' - Thijs Launspach, psycholoog, schrijver

'Mooi, aangrijpend, kwetsbaar, intiem en moedig' - Saskia Smith, journalist