Grenzen voelen en aangeven: wat doe je met je gevoel?

Naast het besef dat je kwetsbaarheid en de angst om gekwetst te worden een rol spelen als je je grenzen wilt voelen en aangeven, is er nog een onderdeel dat meedoet. Dit zijn je gevoelens. Het is goed om te weten wat die je willen vertellen.

Eerder schreef ik dit en dit artikel over het voelen van je grenzen en het ontdekken van hoe jij met je grenzen omgaat. In dit artikel wil ik dieper ingaan op gevoelens. Het is goed om te weten welke gevoelens er zijn en wat die je vertellen.

Er zijn vier primaire gevoelens; bang, boos, blij, bedroefd. Deze gevoelens vervullen een belangrijke functie in het contact. Elk van de vier gevoelens wijst naar een andere behoefte in het contact. De meest relevante voor mensen die moeite hebben met grenzen is boosheid. Ik benoem ze even alle vier.

Blijheid

Blijheid in een pure vorm zorgt dat je je levenslust voelt. In het contact kun je dan van en met elkaar genieten. Een vervorming hiervan vind je als je je blij voelt als het slecht gaat met de ander (Ha! Wij hebben gewonnen, jullie lekker niet!). Een andere mogelijkheid is dat je geleerd hebt dat je je blijheid niet mag laten zien. Mocht jij blij zijn als je broertje of zusje ziek was?

Verdriet

Verdriet is het gevoel dat hoort bij de behoefte aan steun van anderen. Meestal wijst het naar je behoefte aan nabijheid, aan aandacht. Soms ook kan het juist fijn zijn even alleen gelaten te worden met je verdriet. Verdriet kun je ook voelen bij een afscheid. Sommige mensen hebben in hun geschiedenis geleerd verdriet in te zetten om ergens aandacht voor te krijgen, anderen hebben geleerd dat verdriet niet mag of zwak en onjuist is. Dan is het lastig om verdriet te voelen en is het makkelijker een ander gevoel te voelen.

Angst

Angst in een pure gezonde vorm is het gevoel dat je energie levert om te handelen op het moment dat je bedreigd wordt door een gevaar. Vaak werkt het echter niet zo en werkt angst eerder blokkerend. In het contact met anderen zijn er twee vormen van angst; Je kunt angst voelen bij het idee dat je in de steek gelaten wordt. En je kunt angst voelen bij het idee dat je niet jezelf mag zijn met deze ander, dat je opgaat in de ander, dat er voor jou geen ruimte is.

Boosheid

Boosheid is het gevoel dat ons duidelijk maakt wanneer in het contact tussen jou en de ander een grens overschreden wordt. Boosheid geeft ook de energie om op dat moment te handelen. Er is een groot verschil tussen boosheid en de escalatie hiervan. Boosheid is dus geen agressie of een woede-uitbarsting. Als je niet goed hebt leren omgaan met boosheid (je werd gecorrigeerd als je boos werd, je kreeg alleen een reactie als je aardig deed, je zag dat het slecht afliep met mensen die boos waren), dan heb je een grote kans dat je je boosheid nu niet zo helder kunt inzetten. Het zou zomaar kunnen dat je dan pas de escalatie van je boosheid kunt uiten: een uitval van woede, razernij, uitbarsten.

In tegenstelling tot boosheid, dat je eigen grens aangeeft en beschermt, is een uitval van woede niet meer een bescherming van je eigen grens, maar een beschadiging van de grens van de ander. Weisfelt en Veenbaas zeggen: ‘Slecht omgaan met grenzen wil dus zeggen slecht omgaan met boosheid’.

Wat er kan gebeuren als je niet goed hebt leren omgaan met je eigen gezonde boosheid is het volgende:

1. Je kunt je boosheid wegstoppen

Je schermt jezelf af voor je boosheid af. Omdat dit je veel energie kost raak je doodop. Daarnaast zorgt het niet erkennen van je boosheid dat je zwaardere/depressieve gevoelens krijgt.

2. Je kunt je boosheid opsparen

Dan plak je zegeltjes. Tot het boekje vol is en het hele boekje in één keer wordt geïncasseerd.

3. Je richt je boosheid niet op degene die je grens beschadigde, maar op jezelf, of op iemand op wie je het makkelijker vindt om boos te worden

Dat kan bijvoorbeeld een huisdier zijn of een collega in plaats van je partner. Herken je daar iets van? Realiseer je je in ieder geval dat je uitbarsting niet oké was, en de ander beschadigde. Realiseer je ook dat je veel en veel eerder je eigen gezonde boosheid hebt genegeerd of niet geuit. Ga die eerdere momenten herkennen en serieus nemen!

Er is nóg een belangrijk gevoel dat we moeten benoemen: je lichamelijke gevoelens.

Je lichamelijke gevoelens

Je kunt aan het contact met je lichamelijke gevoelens afleiden of je honger of dorst hebt, of je het warm of koud hebt. Contact met het gevoel dat zich in je lijf afspeelt is ook nodig om grenzen waar te nemen. Een hele mooie oefening die ik wel eens inzet is om tegenover elkaar te staan in de ruimte. Vervolgens is het eerst zaak om te voelen hoe het nu is. En dan mag de coachee aangeven wanneer en hoeveel ik dichterbij mag komen. Belangrijk is om te vertragen, als je deze oefening langzaam doet dan geeft hij heel precies inzicht in welke afstand tussen de cliënt en mijzelf precies klopt. Omdat ik mezelf als instrument gebruik voel ik ook welke afstand voor mij klopt. Op de een of andere wonderbaarlijke manier is dat meestal precies de afstand die de coachee ook aangeeft. Nog wonderlijker is dat na twee keer oefenen de meeste coachees ook met hun ogen dicht kunnen aanvoelen hoe dichtbij ik ben gekomen en weer op dezelfde ideale afstand uitkomen. De oefening geeft heel helder inzicht in hoe je fysieke signalen en je intuïtie kunt inzetten om je grens te voelen.

Vaak ontkennen we signalen van onze lichamelijke gevoelens

Maar al te vaak kom ik tegen dat mensen het gewaarzijn van hun lichamelijke gevoelens nog niet zo makkelijk vinden. Laat staan het herkennen van waar die lichamelijke gevoelens nu naar wijzen. Veel mensen, inclusief ikzelf, hebben geleerd om deze signalen te ontkennen. De redenen daarvoor zijn hierboven al genoemd. De kwetsbaarheid in het contact met je ouders en opvoeders heeft je geleid tot allerlei aanpassingen. Ergens diep van binnen is het ‘weten wat klopt’ echter gewoon nog aanwezig, dus dit valt opnieuw aan te leren. Bijvoorbeeld in die oefening die ik net beschrijf.

Wat is normaal voor jou? Waar ligt jouw grens?

Als je dan weer een soort nulpunt hebt leren kennen en weet wat ‘normaal’ is voor jou, kun je van daaruit ook weer leren waar de grens in het contact ligt. En vervolgens kiezen wanneer en hoe je die grens aangeeft. Als je hier nu mee verder wil is de eerste stap om te gaan leren herkennen wat je tot nu toe hebt genegeerd/ontkend. De volgende stap is uitzoeken wat hieraan ten grondslag ligt. Wat is de kwetsbaarheid die je wilt ontwijken. De stap daarna is om te bedenken hoe je het anders wil en dit rustig aan te gaan oefenen. Omdat het over kwetsbaarheid gaat is het raadzaam dit te oefenen op plekken waar je niet onmiddellijk in je oude overtuiging/gedrag valt als het een keertje niet lukt. Zelfcompassie is het uitgangspunt: ‘Ik ben een mens met bagage, ik mag het anders doen, als het een keertje niet lukt is er niks aan de hand’, of zoiets.

Niels is coach en heeft zijn eigen praktijk: nielsvansanten.nl. Hij werkt ervaringsgericht, lichaamsgericht, experimenterend, onderzoekend, op basis van getoetste, effectieve modellen en theorie.

LEES OOK: WE HEBBEN EEN DOSSIER ‘GRENZEN’ AANGELEGD, DAT VIND JE HIER!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *