Ja. Hoogsensitiviteit bestaat. Klaar nou.

Pieter-OffermansBestaat hoogsensitiviteit nu wel of niet? Wel dus. De wetenschap is er inmiddels duidelijk over. Pieter Offermans is auteur, blogger en hoogsensitief werknemer. Hij legt uit wat de wetenschap te zeggen heeft over hoogsensitiviteit.

Een hype. Een modeziekte. Een verzinsel van de zelfhulpindustrie. Sommige mensen denken hieraan bij het woord ‘hoogsensitief’. Maar: hoogsensitiviteit bestaat echt. Inmiddels hebben tientallen wetenschappers de eigenschap onderzocht. Wat weten we tot nu toe?

Hoogsensitiviteit (of HSP) is een eigenschap die voorkomt bij één op de vijf personen en draait om een diepere verwerking van prikkels in de hersenen. Simpel gezegd: wat hoogsensitieve personen zien, horen, voelen, ruiken of proeven, komt sterker binnen. Flauwekul, vinden sommigen dus. Zij zijn ervan overtuigd dat de eigenschap niet zou bestaan. Je kunt het de critici ook haast niet kwalijk nemen. Op internet en in glossy’s barst het de laatste tijd van de verhalen over HSP. Niet alles wat je daar leest is even waar en gefundeerd. Sterker nog, een aanzienlijk deel is behoorlijk vergezocht en fantasierijk.

Wetenschappers spreken niet van ‘HSP’
Maar dat betekent natuurlijk niet dat de eigenschap ‘dus’ niet bestaat. Inmiddels ligt er namelijk een aardige stapel aan wetenschappelijke onderzoeken. In bijna geen enkele van die studies zul je de woorden ‘hoogsensitief’ of ‘HSP’ terugvinden, trouwens. Die aanduidingen gebruikt men eigenlijk alleen in het dagelijkse taalgebruik. Een veelgebruikte wetenschappelijke term is sensory processing sensitivity, maar men heeft de eigenschap ook onderzocht onder namen als biological sensitivity to context.

Wat wetenschappers over HSP zeggen
Hieronder volgt een beknopt overzicht naar het wetenschappelijk onderzoek naar HSP. Let wel: dit is een selectie en noemt lang niet alle onderzoeken die tot nu toe naar hoogsensitiviteit zijn gedaan.

1913: psycholoog Carl Jung schrijft over ‘aangeboren sensitiviteit’.
1935: theoloog en psychotherapeut Eduard Schweingruber publiceert het boek ‘Der sensible Mensch’. Het werk is een vroege poging om ‘de gevoelige mens’ in al z’n facetten te beschrijven.
1950 en verder: de eigenschap krijgt aandacht vanuit de persoonlijkheids- en ontwikkelingspsychologie. Zo onderzoekt Hans Eysenck prikkelgevoeligheid in het kader van introversie. Jerome Kagan verdiept zich in ‘hoogreactieve kinderen’, terwijl Mary Rothbart onderzoek verricht naar negative affectivity.
1978: de oorzaak van hoogsensitiviteit is volgens Wolfgang Klages te vinden in de thalamus. Dit schakelcentrum in de hersenen laat bij hoogsensitieve personen meer prikkels door dan bij mensen die de eigenschap niet hebben.
1997: psycholoog Elaine Aron introduceert in een wetenschappelijk artikel de term sensory processing sensitivity. Een jaar eerder verscheen haar boek ‘The Highly Sensitive Person‘. Uit dit boek stammen de woorden ‘hoogsensitief’ en ‘HSP’. Aron heeft dus niets nieuws ontdekt, maar heeft de eigenschap wel een pakkende naam gegeven.

Daarna neemt het onderzoek een hoge vlucht…

1. Eén op de vijf
HSP blijkt een eigenschap die voorkomt bij ongeveer twintig procent van de bevolking (en bij meer dan honderd diersoorten). Een hoogsensitief persoon verwerkt zintuiglijke en sociale prikkels dieper.

2. Het is aangeboren 
Onderzoekers hebben een verband tussen HSP en erfelijk materiaal ontdekt. Hoogsensitiviteit is dus een aangeboren eigenschap.

3. Je bent ’t wel of niet
Men gaat ervan uit dat ‘hoogsensitief’ een categorie is. Dat wil zeggen: je bent het wel of niet; je kunt het niet ‘een beetje’ zijn.

4. HSP-hersenen werken anders

Hersenscans laten zien dat het brein van hoogsensitieve personen anders werkt. Wetenschappers meten meer activiteit in de hersendelen die betrokken zijn bij het verwerken van visuele informatie en bij empathie.

5. Het heeft een evolutionaire functie
HSP hangt samen met een sterk behavioural inhibition system (BIS) en heeft een evolutionaire functie. Hoogsensitieve individuen (twintig procent van een populatie) pauzeren, observeren, schatten kansen en risico’s in en gaan dan pas tot actie over. De overige tachtig procent wacht niet en onderneemt zo snel mogelijk actie. Beide strategieën hebben evidente voor- en nadelen en zorgen ervoor dat de populatie als geheel kan overleven.

6. Extra sterk beïnvloed
Hoogsensitieve personen worden extra sterk door hun omgeving beïnvloed. In een negatieve omgeving zijn zij in het nadeel, maar in een positieve omgeving zijn zij juist in het voordeel. HSP is dus geen stoornis, maar een neutrale eigenschap die – afhankelijk van de situatie – goed of slecht uitpakt. Net zoals bijvoorbeeld introversie of extravert zijn. Er zijn echter ook aanwijzingen dat hoogsensitiviteit vooral voordelen met zich meebrengt. Zie het begrip vantage sensitivity.

7. The Big Five
Diverse onderzoekers hebben gekeken hoe hoogsensitieve personen scoren op de persoonlijkheidsfactoren van de ‘Big Five’. Er is een positief verband met neuroticisme en openheid voor nieuwe ervaringen.

8. Langere hersteltijd
Door de diepe verwerking van prikkels hebben hoogsensitieve personen een langere hersteltijd nodig. In een onderzoek kregen proefpersonen een visuele taak voorgelegd. De personen met HSP waren sneller en maakten minder fouten, maar voelden zich na afloop wel meer gestrest dan niet-hoogsensitieve personen.

9. Creatieve denkers
Hoogsensitieve personen zijn sterk in contextonafhankelijk denken (creatief denken).

10. Steeds meer onderzoeken
In 2013 is professor Elke van Hoof (Vrije Universiteit Brussel) een grootschalig onderzoek naar hoogsensitiviteit gestart. Meer dan tweeduizend volwassenen doen mee. Intussen loopt er onder leiding van professor Patricia Bijttebier (KU Leuven) ook een onderzoeksproject waarin HSP bij achthonderd kinderen wordt onderzocht.

(de uitgebreide wetenschappelijke bronnen voor alle bovenstaande onderzoeken vind je op Pieters site, waar een uitgebreidere versie van dit artikel te lezen is.)

En er komt meer…
Natuurlijk stopt het onderzoek niet hier. We weten nog lang niet alles over HSP. Onderzoekers zullen in de komende jaren meer spectaculaire ontdekkingen doen. En over die nieuwe bevindingen zullen ongetwijfeld verhitte discussies ontstaan. Dat hoort nu eenmaal bij het wetenschappelijk debat. Maar óf de eigenschap bestaat, dat zou geen punt van discussie meer moeten zijn. HSP bestaat echt en is wetenschappelijk aangetoond.

Meer weten over de wetenschap achter HSP?
•    Een handige zoekmachine voor wetenschappelijke artikelen is Google Scholar.
•    De documentaire ‘Sensitive’ besteedt ruime aandacht aan de wetenschap achter HSP.
•    Klinisch psycholoog Elke van Hoof (Vrije Universiteit Brussel) gaat in het boek ‘Hoogsensitief‘ uitgebreid in op de wetenschappelijke basis van HSP.

Pieter Offermans is auteur, blogger en hoogsensitief werknemer en schreef het boek De Hoogsensitieve Werknemer. Pieter schrijft op zijn website en voor STRESSED OUT over hoogsensitiviteit en werk.