Maria’s man had ’n burn out #5: ‘We móeten samen weg’

Maria van BeelenNa een flutzomer op een camping met veel plens-en driftbuien kwam de man van Maria van Beelen spierwit thuis van zijn werk. Diagnose: burn out. Maria, zelfstandig schrijver en moeder van drie kinderen onder de 7, schrijft over de periode die daarna volgde. 



We gaan een weekendje weg. We willen de drukte thuis ontvluchten en nader tot elkaar komen. Weekendjes weg waren een paar jaar geleden een waar genot. We rookten samen een pakje sigaretten weg en konden urenlang op een verwarmd terras als verliefde pubers tegen elkaar aan hangen.

Ze weten niet beter dan dat hun vader uitrust en ik ze meeneem naar het strand

Dit jaar is alles anders. We gaan, nee, we móeten samen weg, want de spanning is thuis niet te harden. Ik baal dat hij geen enkele interesse voor ons toont. De kinderen hebben hier niet voor gekozen, hij kan niet van hen verwachten dat zij zich in zijn ellende inleven en in huis hun mond houden. Hij ontploft als ik deze dingen zeg en vindt het vreselijk dat ik hem niet begrijp. We strompelen allebei op ons tandvlees en zien elkaar van de allerlelijkste kant. Elke week is hetzelfde, elke dag lijkt op de vorige. Het weekend betekent voor mij de ergste twee dagen van de week, want dan is iedereen vrij, moet ik zorgen voor stilte in huis en speel ik tevens voor activiteitenbegeleider. De kinderen weten niet beter dan dat hun vader thuis rust en dat ik ze meeneem naar het bos en naar het strand.

Onverdraaglijk

Afspreken met anderen, en zeker mensen met kinderen, zit er niet meer in. Als je je eigen kinderen amper aan kunt, is het gekrijs van andermans kinderen onverdraaglijk. Daar zijn mijn man en ik het dan wel met elkaar over eens. Maar goed, het feit dat we ons uit zelfbehoud van de rest van de wereld afsluiten, heeft wel tot gevolg dat de weken voorbij kruipen. We doen gespannen de noodzakelijke dingen. Hij naar zijn werk, rusten en opzien tegen de volgende dag. Ik heb de kinderen, probeer te schrijven, ben gefrustreerd dat niks lukt en dat vijf maal per week. Dus rijden we richting Zeeland in een chalet waar we gratis in kunnen. Hoe heerlijk, maar wat zie ik er ook tegenop.

Als ik mijn zorgen deel, is dat niet bevorderlijk voor zijn gestel

Ik merk dat ik het nauwelijks meer kan opbrengen om een luisterend oor te zijn. Gewoon omdat ik het zelf ook niet meer zo goed weet. Het enige waar ik me druk om maak, zijn nog steeds onze financiën die door mijn gebrek aan schrijfwerk enorm aan het slinken zijn. Als ik deze dingen tegen mijn man zeg, is dat niet bevorderlijk voor zijn gestel, weet ik uit ervaring, daarom hou ik mijn mond terwijl ik in mijn hoofd ’s nachts ingewikkelde berekeningen maak. De rit naar het chalet toe is op z’n zachtst gezegd vervelend. Er hangt een zwaarmoedige bui in de lucht en even wil ik bij het stoplicht de deur opengooien en richting de vrijheid springen.

Samen oud worden
Als we samen een rondje door de stad hebben gelopen en ik met een knoop in mijn maag twee koffie heb afgerekend, we al die volle etalages zien in de wetenschap dat we toch niks kunnen kopen, besluiten we om terug naar het chalet te gaan. Terwijl de regen tegen het raam klotst, komen de gesprekken op gang. Eerst wat stroef; hebben we elkaar überhaupt nog iets te vertellen? Ik wil niet en ik kán niet meer. Maar toch komen de gesprekken. We spreken uit dat we nu niet kunnen geloven dat we weer echt van de kinderen kunnen gaan genieten, dat hij ooit weer zin krijgt om te werken.. Dat we amper kunnen bedenken dat we samen oud zullen worden. En dat, áls we al samen oud worden, we dan ooit weer gelukkig zullen zijn. En daar in de ellende begint het.

De spanning die groeven in onze gezichten heeft getekend, trekt weg

Het uitspreken verbreekt de krampachtigheid die zich heeft genesteld in mijn nek en mijn schouders. De spanning die groeven in onze gezichten heeft getekend, trekt weg. We kijken elkaar aan, raken elkaars handen aan en de gesprekken worden zachter. Aan het eind van het weekend durft hij voorzichtig weer te vertellen wat zijn dromen en verlangens zijn. Even word ik vijftien jaar terug in de tijd geworpen. Van toen we samen in de stad urenlang koffiedronken en fantaseerden hoe ons huis aan zee eruit moest gaan zien. We wonen deze twee dagen in een chalet aan zee en voelen ons rijk. Eenmaal thuis zitten we veel te snel weer in dezelfde ongezellige modus als daarvoor. Het weekend samen lijkt na een paar weken alweer eeuwen geleden, maar ik vergeet niet dat ik oog in oog heb gestaan met iets onvergetelijk prachtigs: hoop.

Wat kun je als partner doen als je lief een burn out heeft? Hier lees je het

Herken je Maria’s verhaal, of heb je tips? Praat erover op onze Facebookpagina!