Maria’s man had ’n burn out #6: ‘Maar ík was toch de zenuwlijer?’

Maria van BeelenNa een flutzomer op een camping met veel plens-en driftbuien kwam de man van Maria van Beelen spierwit thuis van zijn werk. Diagnose: burn out. Maria, zelfstandig schrijver en moeder van drie kinderen onder de 7, schrijft over de periode die daarna volgde. Dit keer: ‘Maar… ík was bij ons thuis toch de zenuwlijer?’

Onze auto is niet echt meer wat-ie zijn moet. Toen we ‘m kochten, blonk hij en rook de bekleding fantastisch, al was hij tweedehands. Nu lijkt-ie steeds wat meer scheurtjes te vertonen. Zo is het autoslot al een tijdje stuk waardoor je gedwongen bent om via de bijrijdersstoel het slot open te maken. Onze kinderen zijn er inmiddels aan gewend om automatisch naar de bestuurderskant te kruipen en de knopjes open te trekken. Misschien denken ze wel dat dat bij elke auto zo werkt.

Iemand die anderhalve kop groter is, zoekt troost bij míj

Op een dag komt mijn man thuis van het boodschappen doen. Ik hoor een deur slaan. Zijn gezicht ziet grauw zie ik in het licht van de keuken. Het afgelopen halfuur heeft hij met trillende handen een schadeformulier ingevuld. Achteruit tegen een auto aangereden. Flink overstuur is hij. Ik troost hem, maar mijn hart gaat woedend tekeer. Waarom overkomt dit nou precies mijn man die al schrikt als er een limonadebeker op de houten vloer stuitert? Dat hij zich makkelijk laat troosten vind ik fijn, want dat betekent dat we elkaar nog kunnen vasthouden, maar dit beeld werkt ook bevreemdend op mij. Iemand die anderhalve kop langer is dan ik zoekt troost bij mij. De ooit zo sterke man weet niet meer hoe hij verder moet. Hij vindt zichzelf een waardeloze man en vader voor zijn kinderen. Hij heeft geen idee of zijn leven ooit weer glans zal krijgen. Hij ziet alles zo verschrikkelijk grauw in.

Rollen omgedraaid
Ik verbaas me over het feit dat de rollen in een periode bij ons zo zijn omgedraaid. In ons huis was de rol van zenuwlijer altijd aan mij toebedeeld. Terwijl ik me weken van tevoren druk kon maken om een functioneringsgesprek op de redactie vanwege de nooit aflatende angst om door de mand te vallen, was hij juist iemand die zich daarop kon verheugen. Hij vond zo’n beoordelingsgesprek het uitgelezen moment om zijn baas te laten weten wat hij verbeterd wilde zien en hoe hij zich verder kon ontwikkelen in zijn beroep. Hij, een stille kracht, zag daar oprecht naar uit en kwam na zo’n gesprek glimmend van enthousiasme thuis. Maar ja, dat is dus al jaren niet meer zo. Ik zag dat hij steeds harder ging werken en met steeds minder bravoure over zijn werk vertelde. ‘Vertel nog eens een grappig verhaal.’ Ik heb deze vraag al heel lang niet aan hem gesteld. En nu is hij tegen een geparkeerde auto aangereden en zich helemaal te pletter geschrokken. Nu sta ik hem in onze keuken moed in te praten terwijl de kinderen in de woonkamer een filmpje kijken. De achterkant van de auto tapet hij vast met zwarte ducttape. Mijn schoonvader drukt het gescheurde metaal van de auto een beetje terug.

En dan… valt mijn oog op het plaatje van de kangoeroe

En dan gebeurt er weer iets vervelends. Als ik onze in elkaar gedeukte auto een paar weken later midden op straat parkeer, omdat ik even snel wat uit het huis wil pakken, komen er drie prepubers aanfietsen. Eentje begint te gillen als ze te laat ontdekt dat de doorgang door mijn auto wat nauwer is dan normaal en ik hoor hoe haar stuur zich door de verf boort. De dure verf van onze auto. Een hele diepe kras. Ik vind het zielig dat onze auto zo aan het aftakelen is. En zielig voor ons dat wij er in rond moeten rijden. En dan valt links onder de kras mijn oog op het plaatje van een kangoeroe. De vorige eigenaren hadden als herinnering aan hun Australië-reis dat plaatje opgeplakt. Wij waren ook van plan om daar een maand naartoe te gaan, totdat ik zwanger bleek en we vanwege de gezinsuitbreiding een nieuwe auto moesten kopen. Deze kochten we dus, met nota bene dat plaatje van die kangoeroe erop. We hadden in Australië de tijd van ons leven kunnen hebben, maar kozen voor een nieuwe auto, omdat we dachten dat we die voor de Maxicosi en een kinderwagen nodig hadden. Laat ik me nu weer door een stuk blik leiden?

Hulp zoeken
Zolang de auto nog rijdt, hoor je ons niet klagen, besluiten mijn man en ik later. Het verbaast me hoe snel ik me bij deze gedachte neer kan leggen. Kon ik dat ook maar met de situatie thuis. Dat ik er wat van maak, in plaats van me verzet tegen de burn out. Na een half jaar is er namelijk nog schrikbarend weinig verbetering, ik moet hier anders mee omgaan. Heb alleen geen idee hoe. Dus zal ik hulp moeten zoeken, bij iemand moeten uithuilen, wijntjes doen, zomaar wat gaan schrijven, wat dan ook. Dit lost zich niet vanzelf op. Ik haal mijn schouders op, adem heel langzaam uit en voel me ineens toch een paar grammen lichter.

MEER LEZEN: Wat doe je als je partner een burn out heeft? Maaikes lief was haar burn out held…

Meepraten over dit artikel? Je vindt ons op Facebook!