Positiviteit op de werkvloer: de duistere kant

Ballenbakken, lachworkshops en omdenken: bedrijven zien positiviteit als hét middel om de werksfeer te verbeteren. Maar maakt die opgedrongen vrolijkheid ons wel gelukkig?
 Pieter (van hswerknemer.nl) moet er iets over kwijt…

Wat vind je belangrijker: een goede werksfeer of meer salaris? Onderzoekers hebben die vraag vaker gesteld. En wat blijkt? Werknemers kiezen steevast voor een goede werksfeer. Zo concludeert een enquête uit 2016 dat slechts 10% van de mensen bereid is om een prettig werkklimaat te verruilen voor een hoger loon. Ook een recent onderzoek onder 1500 hoogsensitieve werknemers onderstreept het belang van de werksfeer.

Het is nooit één aspect dat bepaalt hoe iemand de werksfeer ervaart

Maar wat bedoelen we eigenlijk met een goede werksfeer? Het blijkt nog knap lastig te omschrijven. Wat iemand prettig vindt, is namelijk heel persoonlijk. Bovendien is het nooit één aspect dat bepaalt hoe iemand de werksfeer ervaart, maar een complex samenspel van factoren. Toch denken veel bedrijven met simpele one-size-fits-all maatregelen het ideale werkklimaat te kunnen creëren. En al die maatregelen hebben één ding gemeen: positiviteit.

Ballenbakken voor een goede werksfeer?

Maak het wat vrolijker op kantoor en je krijgt vanzelf een goede sfeer, is de gedachte. Kantoorinrichters en goeroes spelen daar handig op in. Zij geven ons pingpongtafels en glijbanen. Emile Ratelband komt langs voor een opzwepende presentatie. We krijgen een cursus mindfulness om te leren hoe we vaker dankbaar zijn. In de geest van omdenken zeggen we ja-én in plaats van ja-maar. Als teamuitje gaan we met z’n allen verkleed als ninja. En vergaderen doen we voortaan in de ballenbak.

Er bestaat zelfs een hele rits aan lachtherapieën voor bedrijven

Er bestaat zelfs een hele rits aan lachtherapieën voor bedrijven. Lachworkshops, lachmeditatie-sessies, lachyoga-trainingen… Allemaal hebben ze het doel om uitgebluste werknemers vrolijk te maken. Want door te lachen – ook al is het om niets – zou je de problemen op kantoor verminderen. ‘Lach je stress weg!’, belooft de website van een lachcoach. Daar moet ík dan weer om lachen.

Positiviteit kent een duistere kant

Je kunt je afvragen hoe effectief deze maatregelen zijn. Aan positief denken worden allerlei wonderen toegeschreven: het zou onder meer succesvol maken en kanker genezen. Maar die claims zijn nooit onomstotelijk bewezen. In het geval van werksfeer ben ik nog wel bereid te geloven dat een ballenbak of lachcursus bij (sommige) werknemers kan zorgen voor een kortstondig gevoel van opgewektheid. Maar de dieperliggende problemen pakken deze maatregelen niet aan.

Helpt een lachcursus tegen een onredelijk hoog werktempo?

Want hoe gaat een ballenbak een einde maken aan pesten en intimidatie? Helpt een lachcursus tegen een onredelijk hoog werktempo? En hoe lost een verkleedpartijtje het probleem van ziekmakende werkplekken op? Niemand lijkt het zich af te vragen. Positiviteit toont hiermee een duistere kant van zichzelf: ze geeft bedrijven een vals gevoel van controle en ontneemt het zicht op de werkelijke oorzaken van een slechte werksfeer.

Verplichte vrolijkheid op het werk

Vrijblijvend is al die positiviteit evenmin. Niet meedoen aan een ballenbakvergadering? Toch ja-maar zeggen en je zorgen uitspreken? Dat wordt meestal gezien als een gebrek aan betrokkenheid. Wie niet meegaat in het positiviteitsdenken heeft op z’n minst iets uit te leggen. En hier raken we een belangrijk punt: als werknemer is het niet meer genoeg om goed te zijn in je werk, je moet vooral ‘passie’ en ‘enthousiasme’ uitstralen. Liever een slecht functionerende lachebek dan een ingetogen harde werker, lijkt het motto.

T-Mobile wilde de werksfeer verbeteren, het dwong simpelweg alle medewerkers positief te zijn

Sommige werkgevers gaan daar ver in. Tony Hsieh, directeur van webwinkel Zappos en auteur van Delivering Happiness, moedigt bedrijven aan om 5 tot 10% van de medewerkers te ontslaan die het minst geïnteresseerd zijn om mee te doen met geluksprojecten. Ook de Amerikaanse afdeling van telecomgigant T-Mobile wilde de werksfeer verbeteren. Het bedrijf dwong simpelweg alle medewerkers om positief te zijn. Gelukkig verklaarde het Amerikaanse overheidsagentschap deze eis in strijd met de wet.

Het afdwingen van positiviteit leidt niet tot een goede werksfeer

Het afdwingen van positiviteit leidt natuurlijk niet automatisch tot een goede werksfeer. Integendeel, zou ik zeggen. Hoe gelukkig kun je zijn in een omgeving die altijd van je verwacht dat je positief bent? Waar het glas halfvol is, terwijl het eigenlijk aan scherven ligt? Waar ja-maar taboe is en je problemen met een middagje lachcursus worden ‘opgelost’? ‘De grootste ‘ja-maar-vrije-zone’ ligt in Noord-Korea’, schrijft Richard Engelfriet in zijn boek De Succesillussie. En hij heeft een punt.

Klagen hoeft helemaal niet slecht te zijn, het zet verandering in gang

Onuitgesproken problemen en onderhuidse conflicten lijken me nu juist hét recept voor een slechte werksfeer. Klagen hoeft daarom helemaal niet slecht te zijn, zegt ook Lynn Berger van De Correspondent:
‘Klagen lucht op, is een manier om sociaal contact te leggen, en helpt sociale cohesie in stand houden. Nog belangrijker: klagen zet verandering in gang. Kritiek, protest, sociale vooruitgang – het begint, altijd, met een klacht.’ Natuurlijk zijn er mensen die van nature goedgemutst zijn en die merken dat ze met een glimlach op hun gezicht het prettigst kunnen werken. Als jij zo’n vrolijke Frans bent, wil ik je die positiviteit zeker niet ontnemen. Ik ben ook niet tegen een positieve werksfeer op zich. Maar laat bedrijven alsjeblieft stoppen met die aan ons op te dringen.

Geef werknemers een reden om positief te zijn

Maar wat dan wel? Ik geloof zeker dat we iets kunnen doen om het werkklimaat te verbeteren. Niet door er een vernislaagje optimisme op te smeren, zoals nu gebeurt, maar door te erkennen dat werksfeer persoonlijk en complex is. Anders gezegd: geef werknemers de ruimte en behandel ze met menselijkheid. Laten we zorgen voor een werksfeer waarin collega’s en ondergeschikten werkelijk reden hebben om positief te zijn.

Naast zinvol werk willen mensen zich ook gewaardeerd en gesteund voelen

Een paar voorbeelden. Veel mensen hebben een baan die zijzelf nutteloos vinden. Volgens een onderzoek van Gallup is slechts 13% van alle werknemers wereldwijd ‘geëngageerd’ (zij stemmen in met een stelling als ‘De missie of het doel van mijn bedrijf geeft me het gevoel dat mijn baan belangrijk is’). Zo’n 60% voelt zich ‘niet-geëngageerd’ en de rest is ronduit ongelukkig met z’n werk. Nederland scoort bijzonder laag: slechts 9% is hier geëngageerd. In plaats van tijd en geld te stoppen in de zoveelste lachcursus kunnen we dus beter kijken naar hoe we mensen zinvol werk kunnen bieden. Naast zinvol werk willen mensen zich ook gewaardeerd en gesteund voelen. Uit een enquête onder vijfhonderd Nederlandse werknemers blijkt dat zij aandacht of een compliment van de leidinggevende zelfs belangrijker vinden dan een financiële beloning. Gebrek aan steun wordt steevast genoemd als een belangrijke oorzaak van werkstress en burn out. Meer erkenning voor het werk dat mensen leveren en oprechte aandacht voor hun zorgen kunnen dus al problemen voorkomen.

Meer factoren die bijdragen aan een goede werksfeer

Baanzekerheid kan een goede werksfeer zeker bevorderen. Niet weten waar je aan toe bent, geeft namelijk stress. Flexwerken is voor sommigen misschien een gewenste optie, maar dat geldt lang niet voor iedereen. En het is heel lastig om betrokken te blijven als je – bij goed functioneren en buiten je wil – toch telkens op straat komt te staan. Ook heel belangrijk: autonomie. Geef werknemers de ruimte om taken naar eigen inzicht uit te voeren. En laat ze zoveel mogelijk zelf hun werktijden bepalen.

Als we aan deze zaken werken, kan er oprecht gelachen worden, zonder cursus of ballenbak

Andere factoren zijn onder meer het tegengaan van pesten, het vaststellen van een reëel werktempo en het maken van voldoende rustige werkplekken. Als we een duurzame goede werksfeer willen, dan zijn dit zaken waar we aan moeten werken. Dan kan er overal eens oprecht gelachen worden, zonder cursus of ballenbak.
(Foto: Samuel Lopez/Unsplash)

Pieter Offermans is auteur, blogger en hoogsensitief werknemer. Hij schrijft op zijn website en voor STRESSED OUT over hoogsensitiviteit en werk. Dit artikel verscheen eerder op zijn site.

LEES VERDER: HOE DE KANTOORSPEELTUIN EEN SCHAAMLAP IS VOOR HET ECHTE PROBLEEM!