Falen, waarom het soms het beste is

Maaike

Falen: ik (Maaike) ben ooit eens ontslagen bij een stage. Ja, echt. Het was vreselijk. En het was het beste wat me ooit had kunnen overkomen.

Had ik het zien aankomen? Ja en nee. Al toen ik werd aangenomen als stagiair bij Het Parool gaf ik aan dat ik niet echt het type ben voor hard nieuws. Dat ik meer ben van human interest. Bovendien was ik pas nét verhuisd naar Amsterdam (ik was er dus nog niet thuis), was het mijn eerste stage en op dat moment was er geen ruimte voor de begeleiding van stagiaires op de redactie. Een crash waiting to happen natuurlijk. Maar dit mocht ik toch niet laten lopen? Voor anderen was dit vast een droomstage, dan mocht ik toch niet ondankbaar zijn? Alleen: krantennieuws bleek inderdaad niet mijn cup of tea. To put it mildly.

Ontslagen van mijn stage. Dat kon er ook nog wel bij…

Ik kan me nog goed herinneren dat de chef redactie me op een dag in een apart kamertje riep. Ik mocht gaan zitten. Natuurlijk had ik al wel door dat het echt niet heel erg lekker liep. Ik had ook wel signalen opgevangen. Maar op dat moment had ik ook wat andere dingen aan mijn hoofd. Mijn ouders waren net een paar weken ervoor verhuisd naar het buitenland, mijn relatie was zojuist na tien jaar op de klippen gelopen (waardoor ik zelf ook halsoverkop moest verhuizen met behulp van de ouders van mijn ex) en ik woonde naast een crackpand waar regelmatig midden in de nacht junks ruzie maakten en dreigden met het gooien van bakstenen. Toen viel het woord: ontslag. Ah. Dit kon er nog wel bij. De chef redactie zei nog: ‘Als je ooit een aanbeveling nodig hebt voor een vrouwenblad, ik denk namelijk dat je daar wél echt op je plek bent.’ Heel liefdevol eigenlijk, denk ik nu. Verdwaasd verliet ik een halfuur later het pand, mijn spulletjes in een plastic tas. Dat was het. Dit was het. Klaar. Ontslagen van mijn stage.

De ultieme loser
Ik voelde me de ultieme loser. Het voelde als falen. En in de periode erna, die allesbehalve vrolijk genoemd kan worden, gebeurde er iets wonderlijks. Het ineenstorten, de #totalfail, gaf me ademruimte. Ik had niks meer te verliezen. Bovendien kon ik er mijn voordeel mee doen; ik kon er iets van leren, van mijn ‘grote falen’. Dit was ik dus duidelijk níet. Het was interessant om uit te zoeken wie ik dan wél was. Wat wilde ik nu zelf, echt, diep vanbinnen? De #fail zorgde voor een stevig staaltje soul searching. En inderdaad, de chef redactie, die ik op het moment van de jobstijding wel voor zijn hoofd had kunnen slaan, had gelijk. Ik hoor niet bij kranten, maar bij magazines, reclamebureaus en merken. Dát is wie ik ben. Mijn ‘falen’ had me in wezen op mijn juiste pad gebracht.

Ik had mijn #fail voor geen goud willen missen

In de jaren erna werkte ik me met gezwinde spoed en tomeloze inzet die kant op. Eerst voor bladen, later ook online en voor commerciële grote merken. Mijn #fail had me de schop onder mijn kont gegeven om mezelf te vinden. En daarom had ik het eigenlijk voor geen goud willen missen. Toen ik de betreffende chef redactie enige jaren na het stage-ontslag tegenkwam bij een modeshow, wist ik me niet goed een houding te geven. Mijn ego stond me in de weg, ik nam een gespeeld relaxte houding aan. Toch zou ik hem graag nog eens persoonlijk bedanken met een kop koffie. Dat hij aangaf dat ik ‘faalde’, is achteraf gezien namelijk een groot kado geweest.

Een stap in de goede richting
Heb ik sindsdien dan nóóit meer een #fail gekend? Jazéker wel, meerdere. En dat is helemaal niet erg. Want elke keer heeft het me iets geleerd. Daarom zijn ze ook helemaal niet zo erg. Het hoort er gewoon bij, bij het leven. Elk falen zie ik als een stap in de goede richting. Een misstap misschien, maar dat is óók een stap. Die leren je soms het meest.

ANDEREN LAZEN OOK: JE GEMAAKTE KEUZE HERZIEN? NATUURLIJK MAG DAT: STOPPEN MAG!

Weleens een #fail meegemaakt die achteraf een zegen bleek? Praat mee op Facebook!