Ellemijns GROOTgeluk: ‘Eén van de acht?’

EllemijnEllemijn Veldhuijzen van Zanten werd bekend als actrice bij o.a. ‘Rozengeur en vodka lime’ en ‘Zonder ernst’. Ze is moeder van Jasmijn*, Tijgertje*, Victor, Boaz, Quinten* en Pablo (Jasmijn, Tijgertje en Quinten overleden kort na de geboorte). Ze is momenteel fulltime moeder en geniet intens van klein #GROOTgeluk. Regelmatig deelt ze die momenten, bewust genieten is gezond! Dit keer is de aanleiding voor haar #GROOTgeluk echter behoorlijk stressvol: is zij één van de acht vrouwen die borstkanker krijgt?

Ik ben een buikslaper. En van de ene op de andere dag ging dat niet meer, omdat mijn linkerborst niet lekker voelde. Zeker verkeerd op gelegen. Of misschien iets verrekt bij yoga. Oh, en ik had een klasgenootje van Pablo gedragen van de bibliotheek naar school. En die rugzak was ook loeizwaar. Bovendien had ik gewerkt met de schuurmachine. Nou ja, en het was druk, dus als het volgende week nog zo zou zijn, dan moest ik misschien maar eens naar de huisarts. Die me dan aan zou zien komen… die aanstellerige vrouw met pijn in haar borst. Tsssssss. Had ze weer wat!

Ik voelde een knobbel. Duidelijk. Of toch niet? Jawel

Yoga. Armen omhoog. Rotgevoel. Niet aanstellen. Ik onderdrukte de behoefte mijn borst vast te pakken. Ademen. Onder de douche. Voelen met een bonkend hart. Die ene kant was dikker. En ik voelde een knobbel. Duidelijk. Of toch niet? Jawel. Best groot ook. Ik probeerde me te herinneren. Wanneer voelde ik dit voor het eerst? Had ik het eerder gevoeld?

Bij de huisarts. Ze voelde. Arm omhoog. Arm naar beneden. Andere borst. Nog een keer de pijnlijke borst. Oksel. Borst.
‘Kleed je maar weer aan. Ik denk toch dat het verstandig is even een mammografie te laten maken.’
‘Maak ik me zorgen?’
‘Tja, ik kan het niet duiden. Dus als ik nee zeg en er is toch iets…ik weet het niet… In welk ziekenhuis ben je bekend?’

‘Het liefst kom ik nu nog natuurlijk!’
‘Ja, dat snap ik, maar dat gaat echt niet. Morgenochtend?’
‘Nee, ik moet op school zijn. Morgenmiddag?’
‘Half drie.’

‘Hoe voel je je?’
‘Weet ik niet. Bang, geloof ik. Maar rustig.’

‘Shit man!’
‘Ja echt, maar kun jij morgen Pablo meenemen?’
‘Ja, tuurlijk. Moet ik even iets verzetten. Komt goed.’
‘Zeker weten?’
‘Ja, natuurlijk.’

‘Er zit een knobbel in mijn borst. Sta in AH nu.’
‘Ik ga met je mee. Kan ik je borst vasthouden… je hand! Je hand natuurlijk!’

Waarom zou ik bij die zeven horen en niet die ene zijn?

Waarom niet? Waarom zou ik bij die zeven horen en niet die ene zijn? Nou, bijvoorbeeld omdat drie van mijn kinderen doodgingen! Nee, ik weet het, dat slaat nergens op. Er bestaat geen ‘eerlijkheid’. Het is een fles die rondgedraaid wordt. Je staat in de kring en hij kan keer op keer, achter elkaar, jou aanwijzen. Om gekust te worden of om je te confronteren met je noodlot. Eén kind, twee kinderen, boem boem, drie kinderen, tegen alle statistieken in, alle kansberekeningen ten spijt. Dus borstkanker… Waarom niet?

Ik droom dat ik in een vliegtuig zit en neerstort. Neus naar beneden. Ik zie de aarde op me afkomen.
Wakker. Mijn shirt is nat. Ik kijk naar mijn borsten. Meten is weten. Rustig blijven. Wat zegt je onderbuik?
Kanker. Maar ik geloof dat dat vooral de angst is die alles overschreeuwt. Denk ik. Hoop ik. Nou ja… waarom niet? Dat is het meer.

In de auto. Samen. Net als toen. Al die keren.
‘Liefje wilde wel mee, maar hij werd al pips bij de gedachte alleen. Dus. Dankjewel.’
‘Ik doe het vooral voor het saucijzenbroodje na afloop, hoor.’
Hij grijnst. Ik lach.

MEER: LAS JE HET GROOT #WORKINGITOUT INTERVIEW MET ELLEMIJN AL? ECHT DOEN!

Ze plet mijn borst tussen twee perspex platen. Au, dit doet pijn. Ik bal mijn vuist, kreun zacht. ‘Volhouden, hoor!’
Ik leg mijn hand op mijn buik. Ademen. Naar de pijn. Ontspannen. Al klaar. Andere kant. Het valt me mee. Het is het onverwachte dat ik eng vind. Ik probeer mee te kijken op de monitor. Overdwars nu. Rechts. Links. Venijnige pijn, maar hanteerbaar. ‘Omdat u iets gevoeld heeft, wil de radioloog een echo.’ Ik moet weer in een hokje gaan staan. Met ontbloot bovenlijf. Een strip van Jan, Jans en de kinderen aan de muur. Ik sla mijn shawl om. Kijk in de spiegel. Eén van de acht? Borstkanker? Ze babbelen, hebben lol, mijn hart bonkt als een malle. Koude gel op mijn borst. ‘Die foto’s zijn voor het dagboek, maakt u zich geen zorgen…’ ‘Nee, ik ken het. Ik was hier ooit kind aan huis. Zes kinderen gebaard… veel echo’s gehad. Drie kinderen verloren, vandaar.’

Ik onderdruk de behoefte om deze vrouw te kussen

‘Wat erg, mevrouw.’ Ze kijkt me aan. Ik mag haar. ‘Ik zei tegen mijn moeder dat ik zo blij was dat het mij overkwam… ik kan het dragen.’ ‘Wat zal ze trots op u geweest zijn…’ Ik lach. ‘Ik zie niets onrustbarends. Wel wat cystes. En een vetkwab. Sorry, meer kan ik er niet van maken. Bent u in de overgang?’ ‘Niet dat ik weet…’ ‘Houdt u het wel in de gaten? En komt u terug als u twijfelt? Liever te vaak dan te weinig, mevrouw, want wij denken echt niet: ‘Oh daar hebben we die mevrouw weer!’ Het is een kleine moeite voor ons om het even te checken, oké?’ ‘Ja, dank u wel. Goed dat u dat zegt, want zo denk ik inderdaad…’ ‘Ja, ik meende al zoiets te voelen.’ ‘Dankuwel.’ Ik onderdruk de behoefte haar te kussen. De saucijzenbroodjes zijn uitverkocht. Dat is jammer.Maar oh, wat ben ik blij. Ik hoor bij die zeven van de acht.

‘Ik hoorde dit liedje toen ik gisteren wakker werd…’
‘Liefje…’
Ik veeg zijn tranen weg.
We kussen elkaar.
We houden elkaar stevig vast.

Alles is goed.

#GROOTgeluk

 

Meepraten over dit artikel? Dat kan op onze Facebookpagina!