Working it out. Roos: ‘Dat blije labrador zijn, heb ik moeten afleren’

Roos Schlikker (41) is schrijfster en columnist (en te zien in Wie Is De Mol). Ze schrijft voor onder andere Het Parool en Linda., is scenarioschrijfster van Linda.tv’s ‘Bitterzoet’ en schreef diverse toneelstukken. Hoe houdt zij balans en ervaart ze weleens stress?

Hoe ben je gekomen waar je nu bent?
‘Schrijven was iets wat ik altijd al wilde. Ik was echt zo’n kind dat zelf boekjes in elkaar zette. Alleen had ik één grote vijand naarmate ik ouder werd: faalangst.’

Hoe ben je daaroverheen gekomen dan?
‘Mijn liefde voor de taal bracht me er uiteindelijk wel toe om Nederlands te gaan studeren, maar die hele studie lang durfde ik vervolgens niets te schrijven, terwijl dat wel was wat ik het liefste wilde. Wat ook niet hielp: ik zat in zo’n hysterisch ambitieus jaar; allemaal studenten die voor literaire tijdschriften werkten en druk aan het netwerken waren. Daardoor dacht ik nog meer dat het met mij niet zou lukken. Tijdens het keuzevak ‘schrijven voor de media’ liet ik met veel gêne mijn docent iets lezen. ‘Je bent gek als je hier niets mee doet’, zei hij. Dat gaf me dat eerste beetje zelfvertrouwen. Achteraf gezien ben ik altijd in mijn carrière net op het juiste moment de juiste mensen tegengekomen die me een goede schop onder mijn kont gaven. Toch was ik er op dat moment nog niet aan toe om echt mijn eigen weg te kiezen. Direct na mijn studie ging ik werken als financieel journalist.’

Dat is nou niet direct wat ik bij jou voor me zie…
‘Achteraf gezien was dat de slechtst mogelijke combinatie denkbaar, maar ik vond dat ik het gewoon moest kunnen. De teksten gingen vooral over geld, cijfers. Mijn talent is kijken, observeren, dáár iets mee doen. Ik zat op de verkeerde plek, maar trok het me persoonlijk aan dat het me niet lukte er een succes van te maken. Ik kan me nog herinneren dat ik met vreselijke maagpijn bij de huisarts zat en die de diagnose ‘te veel stress’ stelde. Niet lang daarna heb ik ontslag genomen en begon ik met freelancen. Ik voelde al wel dat bespiegelingen mijn ding waren, maar daar was toen nog geen echte stroming in. Daarom begon ik, puur uit eigen behoefte, rozig.com. Een weblog. Dat ging meteen al heel goed. Ik werd gevraagd voor De Nieuwe Pers, waar lezers zich konden abonneren op auteurskanalen. Ik had mijn stem gevonden. Het ging stromen; binnen twee maanden nadat ik voor de Nieuwe Pers begon te werken zat ik bij DWDD, binnen vier maanden had ik een column in het Parool. En nu schrijf ik columns, scenario’s, boeken… Dat had ik allemaal nooit durven dromen, joh. Maar het heeft me wel gesterkt; als je je gevoel volgt, komt het goed.’

‘Nu noem ik mezelf bewust schrijver en columnist, dat geeft rust’

Heb je weleens last gehad van stress?
‘Ik ben een soort blije labrador, ik zeg nogal snel overal ‘ja’ tegen. Dat heb ik moeten afleren. Ik vond ook alles hartstikke leuk. In het begin van mijn carrière nam ik veel te veel werk aan. En zat ik soms dingen te doen die helemaal niet bij me pasten, puur commercieel werk bijvoorbeeld. Als freelancer laat je het vaak na om functioneringsgesprekken te voeren met jezelf. Je neem gewoon veel werk aan zonder je af te vragen ‘is dit precies wat ik wil doen?’ Dan moet je oppassen dat je niet uiteindelijk de kern kwijtraakt.’

Wat deed je daaraan?
‘Sinds enige tijd noem ik mezelf bewust schrijver en columnist. En ik heb ook een agent. Al vind ik dat superdecadent klinken en moet ik er soms nog steeds aan wennen. Maar het is een goede stok tussen de deur, die agent zorgt ervoor dat ik niet zomaar overal blij op sta te kwispelen. De afbakening van mijn functie tot schrijver en columnist en die ‘poortwachter’, die agent, geven me rust. Omdat ik er hard voor heb gewerkt, durf ik nu wel te genieten van die keuzes.’

‘Door mijn labradorkarakter stopt mijn lichaam me soms eerder dan mijn geest’

Hoe uit stress zich eigenlijk bij jou?
‘Mijn labradorkarakter zorgt er soms voor dat mijn lichaam me eerder stopt dan mijn geest, dus heb ik bijvoorbeeld weleens heel lang met duizelingen rondgelopen. Bleek later dat ik een ernstige ontsteking had aan mijn evenwichtsorgaan. Ik bedacht me pas dat het niet goed ging, toen ik uit bed viel, niet meer kon lopen en niet veel later op de Eerste Hulp terechtkwam. Ik luister tegenwoordig wat beter naar mijn lichaam.’

Het lijkt me dat je een superdruk leven hebt
…
‘Ja, maar dat ervaar ik niet als zwaar, omdat het me inhoudelijk geen stress oplevert. Ik doe nu wat ik het liefste doe. Ik heb het wel druk en dat vereist planning, maar mijn gezin gaat uiteindelijk voor alles. Ik wil niet de moeder zijn ‘die er nooit was’. Ik mis geen voetbalwedstrijd, geen ouderavond, dan maar niet naborrelen bij tv-programma’s. En soms gaat niet alles zoals gepland. Mijn moeder heeft een bipolaire stoornis, dan lopen dingen weleens anders. En dan zit ik om drie uur ’s nachts te typen. Ook geen man overboord.’

Hoe zorg je verder voor balans?

‘Ik sport, ik probeer regelmatig een boek te lezen en ik ben huiselijker geworden. Het is heerlijk gewoon soms even lekker thuis te zijn. Dan zit ik op de bank en dan komt tóch die Calvinistische gedachte in me boven: ‘Moet ik niet wat doen?’ Maar ik weet: rusten is ook een werkwoord. O, en wat ook belangrijk is, ik vraag mezelf wat werk betreft vaak af: is dit leuk? Dat geeft ook balans, die terugkoppeling.’

‘Ik ga nog steeds in mijn pyjama naar Albert Heijn als het moet’

Je bent een publiek persoon, levert dat nooit stress op?

‘Gelukkig gaat er redelijk veel langs me heen, wat dat betreft. Al zeggen mensen wel vaak ‘hoi’, omdat ik een hoofd heb dat ze ergens van herkennen. Ga ik ‘hoi-end’ door de stad. Af en toe is het wel raar, als ik aan de zandbak zit en iemand begint over een column en ik moet bijvoorbeeld iets verdedigen. Want dat gebeurt inderdaad soms op onvoorspelbare momenten. Mensen denken jou te kennen, dus je krijgt de hele dag door feedback op je werk. Stel je voor dat bakkers de hele dag over hun brood zouden worden aangesproken. Aan de andere kant: het is ook juist heel mooi, je merkt dat het mensen dus echt wat doet. Dus nee, daar ga ik niet over klagen. Ik ga ook gewoon in mijn pyjama naar de Albert Heijn als het moet. Dat zal niet veranderen.’

Wat kan beter?
‘Het contact met vrienden. Laatst constateerden een vriendin en ik dat we elkaar nauwelijks spraken, terwijl we elkaar zo missen. Nu hebben we elke woensdag een ‘beldate’. Die is heilig. Voor je het weet glipt de tijd je door de vingers. Iets als vriendschap is zo belangrijk, daar moet je tijd voor maken, dat probeer ik meer te doen.’

Heb je een levensadvies?
‘Doe waar jij je goed bij voelt, maak een keuze. Dat betaalt zich uiteindelijk altijd uit. Dat kan zijn in geld, of omdat je met een goede focus meer bereikt dan zonder, maar vooral: omdat het je gelukkig maakt.’

LEES OOK #workingitout Gladys: ‘Na Erics overlijden leefde ik anderhalf jaar puur op adrenaline’

STRESSED OUT is natuurlijk ook te vinden op Facebook! Volg je ons?