Catelijne wil slapen: waarom lijkt ‘s nachts alles zwaarder?

Inzichten waar je beter van gaat slapen, dáár zoekt journalist Catelijne Elzes naar. Samen met vriendin/illustrator/schrijver Deborah Freriks maakte ze het boek ‘Van dit boek ga je beter slapen (en je wordt er knapper van). Ze deelt haar ontdekkingen. Omdat ze iedereen een betere nachtrust gunt.

Vandaag deed ik een loopje in het park met een vriendin die ik niet zo vaak zie. We gaan af en toe wandelen en bespreken dan de dingen van het leven. Haar burn out, mijn angsten, onze dromen en wensen, hoe maken we onszelf nuttig op deze planeet? Vanochtend zei ze dat ze veel aan mijn slaapboek had gehad. Altijd leuk om te horen, zeker omdat ze volgens mij al best een goede slaper is. Ze vond het fijn dat ik een verhaal had geschreven over waarom ’s nachts alles zwaarder lijkt. Waarom we dan niet kunnen stoppen met malen. Nu kon ze zichzelf makkelijker tot de orde roepen in het donker: je weet dat je gedachten met je aan de haal gaan, geloof ze niet!

‘s Nachts verschijnen er een boel ‘what-ifs

Zelf ben ik er ook goed in: rond 3 uur ’s nachts wakker worden en bedenken wat er allemaal mis kan gaan en mis is gegaan. Momenteel houden vooral de schoolresultaten van mijn zoon me uit m’n slaap. Mijn gedachten gaan alle kanten op: wat als hij blijft zitten, wat als hij daarna nóg een keer blijft zitten, wat als hij van school moet, wat als hij zijn middelbare school nooit afmaakt? Een boel ‘what-ifs’ dus. Drie maanden geleden gingen ze nog over mijn kat die niet meer at, een half jaar terug maalde ik ’s nachts over mijn alleenstaande moeder die niet meer kon lopen vanwege de pijn in haar heup. En nou lijken dat nog serieuze zaken die misschien inderdaad aandacht behoeven maar ik hou mezelf net zo goed wakker met vragen als: waarom heb ik nou zoveel en hard lopen praten op dat feest? Zouden ze me nu allemaal stom vinden? Waarom heb ik nou weer zoveel chocola gegeten? Word ik nu dik en ongezond!?  Eerlijk gezegd komen de meeste van mijn erge en minder-erge horrorscenario’s niet uit. Ooit las ik in de Volkskrant, helaas zonder bronvermelding, dat 85 procent van de dingen waarover we ons zorgen maken zich nooit voor blijken te doen. Oftewel: het is bijna allemaal tijdverspilling. Maar waarom blijf ik dan toch zo veel piekeren? En waarom vooral ’s nachts?

Emotie-rem

Voor ‘Van dit boek ga je beter slapen’ interviewde ik piekerspecialist en universitair docent klinische psychologie Bart Verkuil. Hij denkt het antwoord wel te weten. Piekeren onderscheidt zich van ‘gewoon nadenken’ doordat je de zaken niet op een rij zet, maar in een negatieve gedachtenspiraal belandt waar je niet meer uitkomt. ‘De nacht helpt daar uitstekend bij’, meent Verkuil. Er is geen afleiding, je hebt alleen je gedachten om mee bezig te zijn, je kunt op dat moment niet actief iets doen aan je problemen, niet mailen, bellen of naar iemand toegaan, en de rem op je emoties werkt minder goed dan overdag. Verder zijn we, mogelijk als overblijfsel van de evolutie, schrikachtiger als het donker is. Gevolg: we slapen slechter en raken vermoeider, waardoor de rem in ons hoofd nog lastiger te bedienen is en het gepieker toeneemt.

Zo wordt het minder

Bart Verkuil toonde in zijn proefschrift aan dat mensen ’s nachts minder gaan piekeren als ze zijn ‘piekermodule’ volgen. Deze bestaat uit drie stappen.

Stap 1: je bewust worden van hoe vaak en hoe lang je piekert door het in een boekje bij te houden, bijvoorbeeld met behulp van streepjes.
Stap 2: het loslaten en verplaatsten van je piekergedachten door met jezelf af te spreken dat je er op een ander moment aan gaat werken, bijvoorbeeld die avond om 19.30 uur.
Stap 3: de laatste stap houdt in dat je elke dag een half uur actief en gestructureerd gaat puzzelen met je problemen. Kun je het zelf oplossen, dan formuleer je de stappen die je gaan ondernemen. Kan dat niet dan ga je aan de slag met de acceptatie van de situatie.

Verkuil: ‘Je moet het wel minstens twee weken lang elke dag doen om resultaat te zien.’ Een geruststelling: het gepieker neemt af als we ouder worden. Bij vrouwen na hun 60ste, bij mannen wat eerder. Zelf weet ik dan in ieder geval zeker dat ik niet meer wakkerlig van de rapportcijfers van mijn zoon. Die is tegen die tijd achtentwintig en vermoedelijk van de middelbare school af…

‘Piekeren is net schommelen. Je bent wel bezig maar je komt niet van je plek.’
Dr. Phil
(Foto: Jacob Townsend/Unsplash)

Catelijne Elzes (Ja, die van ‘Catelijne zoekt kalmte’) en Deborah Freriks, auteurs van ‘Van dit boek ga je beter slapen’ en voormalig slechte slapers, probeerden van alles uit. Wat is bewezen werkzaam, wat helpt hen en kan jou ook helpen? Hun boek bevat minstens 98 tips, inzichten en oefeningen waarvan je ook écht beter gaat slapen.

LEES OOK: SLECHT SLAPEN? ZO LOS JE DAT SNEL OP!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *