We pikken tegenslag niet meer en dat maakt ons ongelukkig

Soms zuigt het leven stierenkloten. Alleen: we zijn niet meer gewend om te gaan met tegenslag. Je gewoon even slecht voelen, worstelen met het leven, het kan echt niet meer. I hate to break it to you, maar we leven met zijn allen daardoor in een nogal eng spiegelpaleis. 

Het leven is niet altijd leuk, maar we weten niet meer hoe we daarmee moeten dealen. Het lijkt wel alsof we het gevoel hebben dat het leven ons verschuldigd is dat alles altijd maar fijn is. Het is zorgwekkend dat we niet meer gewend zijn om om te gaan met de de normale tegenslag, die het leven nu eenmaal kenmerkt. Wat daarbij niet helpt, is dat we alles delen op social media. En dan met name onze successen. Onze rotmomenten, hoewel die er zeker ook zijn, delen we liever niet. En als ze wel worden gedeeld, dan het liefst gestileerd aub (lees ook dit artikel van De Volkskrant over dat fenomeen).

‘Als je maar wilt’ is onze nieuwe heilige frase geworden

Wat ermee te maken heeft, is dat er vroeger nog zoiets bestond als ‘troost’ of ‘zingeving’ voor ons lijden. In de tijd dat het nog vanzelfsprekend was om in God te geloven, hadden we het gevoel dat er een ‘reden’ was voor het lijden. De predestinatieleer bijvoorbeeld ging daar vanuit: het was voorbeschikt. Maar ook in het katholieke geloof was lijden iets wat God nu eenmaal zo bedoeld had, of eigenlijk hadden we het over onszelf afgeroepen met De Erfzonde. Nu ‘God dood is’, we ontzuild en geseculariseerd zijn, de Grote Verhalen er niet meer zijn, zijn we gaan geloven in onze eigen maakbaarheid. We geloven niet meer in God, maar in onszelf. Dat betekent dat ons succes aan onszelf te danken is, maar dus ook dat als dingen misgaan, het onze eigen fout is. ‘Als je maar wilt’, is onze nieuwe heilige, maar helaas holle frase geworden. Dit kent allerlei uitwassen. Van de eeuwige zelfverbeteringscursussen, waarin we de Beste Versie van Onszelf moeten worden, tot termen als ‘het gevecht aangaan’ als we het over ziektes als kanker hebben. We gaan er telkens vanuit dat als we maar willen, er altijd wel een mouw aan te passen valt.

We leven in een nogal eng spiegelpaleis

I hate to break it to you, maar we leven met zijn allen in een nogal eng spiegelpaleis, met vervormende spiegels, waarin we deze ideeën telkens bij elkaar en onszelf bevestigen. Met een aantal vervelende resultaten. Falen is geen optie meer. Faal je, dan ben je een sukkel, een loser. Het mag alleen als je er boeiend over schrijft of er een entertainend verhaal over kunt vertellen bij één van de vele Fuck up nights. Je slecht voelen, gewoon met uitgelopen mascara en al, het is niet oké. En kiezen voor kleine dromen (lees dit geniale artikel) in plaats van DAT PLAN DAT DE WERELD GAAT VERANDEREN kan eigenlijk ook niet.

Elkaar en onszelf als mens zien wordt steeds moeilijker

Daarnaast wordt onszelf en elkaar als mens zien, volledig en oprecht, een steeds moeilijker opgave. Ook dat heeft bedenkelijke resultaten. We zijn continu bezig met zelfverbeteringscursussen, alsof we een computer zijn die we beter moeten programmeren. Op het werk krijgen we glijbanen en schommels om werknemers blij (en productief) te houden, en anders buigt de Chief Happiness Officer zich er wel over (lees dit artikel over de donkere kant van positiviteit op de werkvloer). Terwijl een goed gesprek met je werkgever, iemand die jou echt zou zien voor wie je bént, daadwerkelijk verschil zou kunnen maken. Wij mensen willen gezien worden. We vragen elkaar en onszelf niet meer: hoe gaat het wérkelijk met je?

Het leven moet leuk zijn, yolo, fomo

Een relatie die een tijdlang moeizaam gaat, een baan waarbij je niet altijd de dingen moet doen die je leuk vindt, we pikken de tegenslagen die het leven nu eenmaal kent niet meer. Het soms doorzetten, veerkracht en doorzettingsvermogen dat we nodig hebben, wordt dan oneerlijk. Het leven moet leuk zijn. Yolo. Fomo. Met als gevolg dat we ons continu tekortgedaan voelen als het leven nu eenmaal is wat het is (namelijk soms klote) én we niet kunnen genieten van de dingen die er wel zijn. We willen een perfect leven. Maar het leven IS NIET PERFECT. Dat is het hele punt. We zijn imperfectie verleerd te accepteren. We pikken tegenslag niet meer en dat maakt ons ongelukkig. Het wordt tijd dat we weer leren te zien dat het leven niet alleen een plaatje is op Instagram. Leven is ook soms ploegen, janken, struikelen, apathisch zijn, worstelen, ins blaue hinein staren omdat je het allemaal even niet meer weet. Dat is volstrekt normaal. We moeten weer leren dat het ook oké is als het allemaal eens níet oké is.

Hieronder een video waarin ik uitleg wat jij persoonlijk kan doen met deze informatie (tekst gaat door onder de video).

Maaike Helmer is oprichter van multimedia uitgeverij STRESSED OUT en auteur van ‘NIETS, mijn zoektocht naar innerlijke rust in tijden van alles’ (o.a. bekend uit Vrouw/Telegraaf, Grazia, Koffietijd en De Volkskrant). Binnenkort volgen e-courses en Masterclasses om zelf meer innerlijke rust in je leven te krijgen. Schrijf je in voor de Minder Stress Mail, dan houden we je op de hoogte.

LEES OOK: IK BEN NIET PERFECT. EN GELUKKIG MAAR…

Viktor en het vuur is het allereerste kinderboek dat stress, burn out en balans uitlegt in kindertaal. Een sprookje door Sarah Van Wolputte, met een voorwoord van psychiater Prof. Dr. Dirk De Wachter.

In deze tijden waarin we massaal omvallen met een burn out, mogen we de kinderen niet vergeten.

Waarom is mama toch zo vaak moe, boos of verdrietig? Juultje en haar broers Billie en Charlie begrijpen er niks van. En dan, opeens, is er Viktor, een gek sprookjesachtig mannetje, dat vertelt over zijn huisje zonder dak, een wilde rivier en vuurtjes bouwen.

'Vergeet de kinderen niet. Dit boek nodigt uit om op een creatieve en kindvriendelijke manier in dialoog te gaan.' - Dirk De Wachter

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *